dinsdag 20 april 2010

Joris

Een spreker voor een lezing afhalen van het station, dat doe ik wel vaker. Meestal heeft dat veel weg van een blind date; ik heb geen idee wie ik zoek en dat is wederzijds. En hadden we nu op het perron afgesproken of op de parkeerplaats? Hadden we nu maar mobiele nummers uitgewisseld. Als de menigte van het perron verdwenen is, komt de eerste zenuwkriebel. Hij (het is meestal een hij) is er toch wel? Tot nu toe vonden we elkaar altijd. Maar vaak denk ik onderweg: "Waar ben ik aan begonnen?". Vooral als de spreker drupt van het angstzweet. En ik overdrijf niet.

Dat ging afgelopen maandag heel anders. Voor het eerst wist ik (min of meer) wie ik ging ophalen. Natuurlijk ziet iemand er op tv altijd anders uit dan in het echt, maar ik had in elk geval een idee. Bovendien had ik plaats en tijd strak afgesproken en hadden we elkaars 06-nummer.
Ik stapte het perron op, zag Joris Luyendijk staan en liep op hem af. Even zag ik de twijfel in zijn ogen: is dit degene die ik moet hebben of word ik hier lastiggevallen? Ik bleek goed volk.
In de auto vertelde hij dat hij regelmatig wordt aangesproken door vreemden. Dat zijn dan niet de leukste mensen, want leuke mensen begrijpen dat dat niet leuk is. En deze mensen blijven dan een hele treinreis tegen hem aanzeuren. Ik begreep de blik van zojuist.
Hij bleek een aardige man die niet alleen drie keer zo intelligent is als ik (niets ten nadele van mij) maar dat ook fantastisch kan verbergen. Toen ik hem na een boeiende lezing weer terugbracht, voelde ik me niet eens ongemakkelijk zo 's avonds laat met een vreemde man in mijn auto.
Was het nou maar een blind date...

Marjolijn

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen